Coronadagboek #1

13 maart 2020

 

Ik kan me maar één moment herinneren dat ik elke seconde van de dag dacht aan de acute crisis waarin de wereld zich bevindt, en dat was net na 9/11. Toen was ik veertien en ebde dat gevoel een paar dagen na de klap weer weg, nu stapelt het slechte nieuws zich dag na dag op, en is er geen ontkomen aan. Als we een film kijken, duurt het wel een half uur voordat ik me los kan maken van de behoefte om nieuwssites te refreshen. Geen enkel gesprek gaat nog ergens anders over. 

In de Albert Heijn is het wc-papier op, want dat is blijkbaar wat mensen het hardst nodig hebben als ze een week de deur niet uit mogen. Ik zou zelf zeggen: eten is belangrijker, mijn reet veeg ik desnoods af met een washandje, dan was ik gewoon iets vaker. Maar wie ben ik? 

In de lift kwam ik een buurvrouw tegen met twee boodschappentassen vol pakken cornflakes. Je leert mensen in crisissituaties snel kennen aan de hand van hun culinaire prioriteiten.

Mijn agenda is de afgelopen 24 uur wel 15 keer veranderd. Eerst zou ik optreden, toen weer niet, toen bedachten we in plaats daarvan een weekendje naar Brussel te gaan, toen werd afgekondigd dat alle horeca in België per direct gesloten moest worden, toen werd er nog een lezing afgezegd, en zo zitten we nu thuis, op de bank, al uren te praten over wat de respons op het coronavirus ons leert over de fundamenten van de politiek. Want zo gaat dat als je twee alpha’s op een bank in onzekere tijden.

Om mezelf af te leiden luister ik naar podcasts over seriemoordenaars. Gruwel van ver weg en vervlogen tijden. Gruwel die anderen overkomt. Leed dat bestraft werd. 

In real life gaat er niks bestraft worden. We leven met veel mensen op een klein gebied, er breekt een virus uit, het is onmogelijk om in te dammen, op zich een vrij logisch natuurlijk proces. We overleven het in grote getalen, maar duikelen loodrecht een economische en maatschappelijke crisis in, en we kunnen niemand de schuld geven. Ik heb wat dat betreft geen opbeurende woorden.

Wat me wel opbeurt is dat ik al de hele avond dubbel lig om grappen over corona. Op het journaal komt een dakdekker aan het woord. “Thuiswerken? Ik werk iedere dag thuis! Wel iedere dag bij iemand anders.” 

Gestrekt.

Ik leef wanneer ik lach, en ik heb echt lang niet zo hard gelachen. Hoe serieuzer de situatie, hoe groter ons vermogen om er lucht in te blazen. Een ding is zeker: dit worden hoe dan ook hi-la-rische tijden.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *