Beste boeken in 2018

Eindejaarslijstjes! Dol op. In 2018 vond ik na jaren van veel te weinig lezen eindelijk het kinderlijke plezier in lezen terug dat ik ergens tijdens mijn studie Nederlands was kwijtgeraakt. Bram wees me erop dat ik als schrijver toch op z’n minst soms een boek moet lezen om input te krijgen – het zou ook heel raar zijn om componist te zijn zonder ooit muziek gehoord te hebben. Dus maakte ik een leeslijst en een planning, en begon eraan alsof het werk was. Binnen een week was ik weer verslaafd.

Ik heb dit jaar veel poëzie gelezen, maar ook best een flink aantal romans en non-fictiewerken. Ik maak hier een lijstje van de beste boeken die ik dit jaar heb gelezen. Dat zijn dus niet noodzakelijk boeken die dit jaar uitkwamen, maar wel mijn favorieten van dit jaar!

 

We Need To Talk About Kevin (Lionel Shriver, 2003)

Man, dit is het beste én deprimerendste boek dat ik in lange tijd heb gelezen. Het verhaal van een moeder wier zoon een school shooter is. Ze kijkt terug op zijn jeugd, vanaf het moment dat zij en haar man besloten een kind te nemen. Shriver beschrijft in wervelende zinnen die je meesleuren het verhaal in, en ze laat niet los. Psychologische romans staan doorgaans niet bovenaan in mijn top 3, maar de dynamiek tussen Kevin en zijn moeder is bloedstollend. Hij is een verschrikkelijk kind, zo’n type dat je doorgaans in horrorfilms tegenkomt, op iedere pagina vraag je je af wat hij nu in godesnaam weer gaat verzinnen om zijn moeder te tergen. Zij is niet het clichématige slachtoffer, maar een vrouw die niet voor het moederschap geschikt is, en zich daar langzaam van bewust wordt. Je blijft je als lezer maar afvragen waar het verkeerd gaat – een boek als een achtbaan.

 

 

A Room Of One’s Own (Virginia Woolf, 1929)

Ik besloot dit jaar om meteen maar een zooitje feministische klassiekers te lezen, en dan niet alleen om in twitterdiscussies met quootjes te kunnen strooien (maar het is natuurlijk wel mooi meegenomen). Dit essay van Virginia Woolf maakte indruk omdat het enerzijds een prachtig tijdsbeeld geeft van de vrouwenkwestie anno 1929 (“We hebben pas net kiesrecht!”), tegelijkertijd is het verontrustend actueel (“Veel mensen zeggen dat het feminisme af is omdat vrouwen nu kiesrecht hebben, maar er is nog veel te doen.”). De link tussen de werking van het kapitalisme en de positie van de vrouw (onafhankelijkheid kost nou eenmaal geld) is nog steeds verfrissend.

 

Wuthering Heights (Emily Brontë, 1847)

Een klassieker natuurlijk, maar ik had nog nooit iets van de vrouwelijke legendes uit de 19e eeuw gelezen, dus ben snel begonnen. Dit boek maakte indruk omdat het een pregnant beeld geeft van de isolatie, de verveling en troosteloosheid van het leven op het Engelse platteland rond 1800. Een soort De Avonden avant la lettre. Brontë’s stijl en vocabulaire is indrukwekkend, en het boek leest als een heerlijke maar trieste soap.

 

Vloekschrift (Arno van Vlierberghe, 2017)

Poëzie mag dan een niche zijn, het leeft als nooit tevoren. Het is te gek om te zien hoeveel jonge, politiek geëngageerde dichters er momenteel rondlopen, een generatie die prijzen wint en de zaken opschudt. Arno Van Vlierberghe leerde ik kennen tijdens een voordrachtavond in Walhalla in Rotterdam, waar hij indruk maakte met zijn imposante voorkomen en dito stemgeluid. In zijn bundel Vloekschrift gaat hij zichzelf en het kapitalisme genadeloos te lijf, wat resulteert in teksten die als blokken beton neerkomen. Love it.

 

Ik heb inmiddels mijn reading challenge voor 2019 op 52 boeken gezet: eentje per week. Moet lukken denk ik! Wil je mijn leestochten volgen? Volg me dan op GoodReads!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *